Nu ik aan de rand van de mooie Veluwe woon, staan de Waterleidingduinen niet meer wekelijks op mijn planning. Ik kom er nog wel graag want het is er prachtig om te wandelen en heel veelzijdig wat natuur en dieren betreft. Afgelopen half jaar ben ik enkele malen daar geweest, in januari, mei en juni. De daartussen liggende maanden is het er niet van gekomen. Ik merk toch wel dat een reistijd van 2,5 uur het wat lastiger maakt.

Mei: een vosje steekt het bruggetje over en de zwaan kwam even dreigend dichterbij.
In januari was het grijs en soms wat druilerig weer, met ineens in de middag een kleine opklaring.
Hier een collage van de wandeling in januari.
Waarom ik in januari naar de Waterleidingduinen wilde.....de wintergasten zijn er. Zoals de krooneenden, grote zaagbekken en deze brilduiker. Dit mannetje was duidelijk indruk aan het maken. Alleen het vrouwtje was nergens te zien.
Een blauwe reiger in het veld kan ook mooi zijn.
Roodborsttapuit in de winter.
Wilde zwanen, ik heb die dag het hele infiltratie gebied afgewandeld op zoek naar deze mooie soort. Dit tweetal zat in de buurt van het kromme Schusterkanaal, en ze waren niet makkelijk te fotograferen. Toch blij met deze foto, want nu ik niet meer zomaar een week later weer terug kan, moet ik het hebben van de momenten dat ik daar ben. Het viel mij wel op dat ik heel weinig wilde zwanen heb gezien in de duinen. En ook veel minder grote zaagbekken dan voorgaande jaren.
En hoe leuk is dan de verrassing als je op de terugweg naar de uitgang in het laatste licht nog een nonnetje ziet.
Februari was vooral erg mistig en druilerig en in maart werkte het OV niet mee. April had ik wel plannen om te gaan, want ja....dan wordt het weer leuk in de natuur met fris groen, vlinders en de zomergasten die weer terugkeren.
Maar pas begin mei kon ik weer een middag / avond naar de duinen.
Deze foto van de zandhagedis had ik al in een eerdere blog geplaatst, maar hoort wel in dit overzicht met de hoogtepunten uit de AWD.
Mevrouw zandhagedis. Begin mei was het fotograferen van de zandhagedissen een van mijn doelen. En hoe leuk is het dan dan man en vrouw even mooi meewerken.
Roodborsttapuit man was op zoek naar een vrouwtje. Deze middag zag ik meerdere roodborsttapuiten, vaak koppeltjes.
Damhertjes met een heel klein beginnend gewei. In april werpen ze hun oude gewei af en vrijwel direct krijgen ze hun nieuwe bastgewei dat in juli helemaal volgroeid is. Dan gaat in augustus de basthuid irriteren en wordt het gewei geveegd en is het weer sterk genoeg voor de bronst in oktober
Van 15 maart tot 15 juli was een heel groot deel van het gebied afgesloten. Wat mij betreft het mooiste deel van de AWD. Een van de redenen is het rust gunnen aan de vossen die in dat gebied welpjes krijgen. Begrijpelijk dat ze het rond de burchten afsluiten, maar alle verharde en half verharde paden in het infiltratie gebied ging mij toch wat te ver.
Maar een moervos blijft niet achter de afzettingen en komt ook gewoon op de paden waar je nog wel mocht lopen. En zo kwam ik dit vosje met 1 oor tegen. Een oude bekende.
En ook deze mooie rekel liep op het verharde pad buiten de afsluitingen.
Eind mei kon ik nog een keertje en zag deze mooie kleine parelmoervlinder.
En dan is het gewoon geluk hebben. De ene oever was wel toegankelijk, de overkant niet. En zo kon ik vanaf de overkant waar je wel mocht komen aan de andere kant van het water deze moervos met een zogende welp zien.
En die avond kwam er nog een geluksmomentje. Op het pad kwam een jong vosje. Het stond even te kijken en liep daarna het riet in om te gaan jagen.
Terwijl ik laag bij de grond stilletjes af wachtte....kwam het jonge vosje mijn kant op. Hier keek het even, maar verder had het geen aandacht voor mij en liep het langs de waterkant weer verder.
Eind juni....voor mij weer een reden om naar de AWD te gaan: Vlinders en libellen. Ik weet, na zoveel jaren (15) vaste bezoeker te zijn geweest, ongeveer wanneer de eerste vuurlibellen en keizersmantels daar te zien zijn. Door de warme periode voorafgaand aan dit bezoek, waren er ook veel distelvlinders, die vaak met zuidenwind meegevoerd worden.
De gewone oeverlibel was in het hele gebied te zien.
Deze jonge buizerd wilde even poseren.
De kolibrievlinder. Wat een snel beestje. Zelfs met 1/2000e sluitertijd zit er nog bewegingsonscherpte in de vleugeltjes.
De keizersmantel. Een heel mooie vlinder en ik hoop dat ik hem hier op de Veluwe binnenkort ook nog kan fotograferen, want ik weet een plek waar ze zitten, maar toen ik er laatst was, kon ik ze niet vinden. Maar hier kan ik wel zeggen....ik ga nog een keertje terug deze week of volgende week. Of ik binnenkort nog een keertje in de AWD ben om betere foto's te maken van de keizersmantel, weet ik niet. Wat ik wel merkte....er waren er minder en ook de waarnemingen die ik zag waren veel minder dan voorgaande jaren, in tegenstelling tot de Kennemer duinen waar ze in aantal toegenomen zijn. Jammer.
Andere vlinders die ik zag waren groot dikkopje, atalanta, dagpauwoog, kleine vuurvlinder. Maar om de blog niet te lang te maken laat ik deze foto's hier niet zien.
En daar is de vuurlibel man. Deze zag ik best veel die middag in juni, maar ze bleven laag bij de grond zitten, dus meer dan een bewijsplaatje zat er niet in.
En nu is het half juli, het gebied is weer overal open en dan gaat het toch weer kriebelen. Toch nog een keertje voor de keizersmantel en vuurlibel. En op zoek naar de tijgerspin. Of nog even genieten van de damherten met hun mooiste bastgewei. Dat laatste wordt best lastig, want zoals je in dit verslag ziet, damherten kom je niet meer zomaar tegen.